|
De methode die wordt toegepast hangt af van het type gynaecomastie en
van de ernst van het probleem. Er worden drie technieken gebruikt,
ofwel afzonderlijk van elkaar, ofwel gecombineerd.
De meest eenvoudige methode die wordt gebruikt bij kleinere hoeveelheden vetweefsel is het vet weghalen door middel van liposculptuur. Dit heeft echter geen zin wanneer de huid is uitgerekt of wanner er stevig klierweefsel aanwezig is. Wanneer er sprake is van een aanmerkelijk huidoverschot, wordt de techniek van een borstverkleining
toegepast. Deze techniek gaat gepaard met meer littekens en brengt dus
het risico met zich mee dat de patiënt zijn probleem, waar hij zich al
over schaamde, vervangt door een nieuw probleem, namelijk littekens.
De meest voorkomende methode is een techniek die bestaat uit het
onderhuids verwijderen van het klierweefsel gecombineerd met
liposculptuur . Deze methode wordt onder algehele anaesthesie
uitgevoerd
De incisie wordt ter grootte van ongeveer een halve omtrek van de
tepel geplaatst. In sommige gevallen wordt de incisie langer gemaakt
aan beide zijden. De chirurg scheidt vervolgens het overschot aan
klierweefsel van de huid en de spier. Dan wordt dit overschot
weggenomen. Een kleine hoeveelheid klierweefsel wordt onder de tepel
achtergelaten om te voorkomen dat er een ingedeukte indruk ontstaat in
dit gebied. De randen moeten voorzichtig afgevlakt worden om te
voorkomen dat er een rand ontstaat. Hierbij kan liposculptuur van nut
zijn. Na de operatie wordt vaak een drain gebruikt en een
compressieverband aangebracht. |